De bouw van de Produrac in 1924

Sedert 2013 is hier een distillerie voor geestrijke dranken actief, die voordien een lange geschiedenis heeft gekend in Zele. Maar de geschiedenis begint bijna 100 jaar eerder, in 1924, met de oprichting van staaldraadtrekkerij N.V. Produrac, die in zijn glorietijd meer dan 200 lokale families een inkomen verschafte.

In 1924 begonnen hier de graafwerken voor een bedrijf dat op zijn hoogtepunt meer dan 200 voornamelijk lokale werknemers zou tellen: de NV Produrac had zijn maatschappelijke zetel in Gentbrugge, de Puntfabriek. De nieuwe fabriek was ideaal gelegen aan de provinciebaan, de Schelde en de spoorweg Gent-Dendermonde-Mechelen. De belangrijkste aandeelhouders waren de NV Arbed (Luxemburg) en het latere Cockerill (Luik). Zij leverden hier het walsdraad om er harde staaldraad van te maken. Vanuit de fabriek werd een treinspoor aangelegd over de steenweg, dat achter de huizen voortliep naar Schoonaarde-station. Aan de Schelde was een loskade.

Aanvankelijk werden kabels geproduceerd voor de mijn- en scheepsbouw, afsluitingen voor weiden, telefoon- en signalisatiedraad, bovenleidingen voor trams en trolleybussen en allerhande veren. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden vooral jonge werknemers zoveel mogelijk aan het werk gehouden om te verhinderen dat ze verplicht tewerkgesteld zouden worden in het buitenland. Na de oorlog werd staaldraad geproduceerd voor spanbeton in bruggen en wegen. Op 17 juli 1981, aan het begin van de crisisjaren, sloot de NV Produrac definitief de deuren.

In de jaren ’40 kwam het tot een fusie tussen de brandweerdienst van de staaldraadtrekkerij en de gemeentelijke brandweer, die nu haar kazerne heeft aan de gemeenteschool op de Margote.

In 1984 werden de gebouwen in gebruik genomen door de Vatenrecyclagehandel Cesar Moens van Grembergen. Vijftien jaar later waren er 90 werknemers, maar door de economische crisis moest in de zomer van 2009 de productie stopgezet worden. Kort nadien streek de Likeurstokerij Rubbens op de site neer.

Plaats een reactie